Groeten uit Canada (3)

Dag iedereen,

Het is half juni en ondertussen zit ik al weer 3 maand in Canada. 3 maanden die voorbij gevlogen zijn, 3 maanden de tijd van men leven, en niet in het minste de afgelopen 6 weken! Na al het onderhoud en sleutelwerk in de shop zijn we eindelijk aan het echte werk kunnen beginnen, oogst 2019 en zaai 2020!

Zoals ik al eens eerder had vermeld was er vorige herfst een abrupt einde gekomen aan de oogst door zeer vroege sneeuwval. 1500 acres (een dikke 600 ha) koolzaad was achtergebleven in het veld en moest dus eerst nog geoogst worden. De laatste week van april begon het aardig te kriebelen om stof te beginnen maken met de maaidorsers. Het weer zat mee, alles leek goed op te drogen en rond ons begonnen de eerste collega’s zogenaamde testcuts te maken om te kijken hoever alles stond. Testcuts maken is hier onder de landbouwers de voornaamste vorm van groepsdruk. Zodra de eerste combines in het veld staan schiet iedereen in actie. Ook wij zijn dan maar begonnen met stalen nemen en die zagen er verrassend goed uit. Voor zover we uit de stalen konden afleiden leek er ondanks de lange winter weinig opbrengst- en kwaliteitsverlies te zijn en qua vochtgehalte zal je in de lente zelden problemen hebben in koolzaad. Hoewel het gewas klaar was om geoogst te worden liet de bodem dat nog niet toe. Beide Lexions zijn uitgerust met rupsen maar lieten toch nog diepe sporen achter. In het najaar liggen ze daar hier zo niet wakker van, dan moet alles er zo snel mogelijk af, kost wat kost. In het voorjaar daarentegen is dat een heel ander verhaal en willen de boeren dat zoveel mogelijk beperken omwille van de manier waarop hier gezaaid wordt.

Na een heleboel testcuts en samples werd uiteindelijk op 2 mei groen licht gegeven om te beginnen dorsen. Vince en zijn vrouw Christina beide in een combine met het maaibord er nog op (12 meter breed over de weg, kan hier allemaal!) gevolgd door Ian met de graincart en ik er achteraan met de vrachtwagen, het deed me direct terugdenken aan mijn dagen in de VS bij Beckley Harvesting.  Naar goede gewoonte gaan de eerste dagen altijd wat moeizamer. Het koolzaad lag zo goed als plat tegen de grond wat niet gemakkelijker werkt en dat er hier zoveel stenen in de grond zitten helpt ook niet echt mee. De vorst duwt die stenen uit de grond en het gewas heeft zich daar mooi over gelegd. Moeilijk te zien vanuit de cabine, maar je hoort en voelt het meteen als je ze mee binnen trekt. De stenenvanger leegmaken is iets dat je bijna elk uur doet en gebroken en/of geplooide meenemers op de feederchain vervangen is een dagelijkse bezigheid. De feederchain in het bijzonder krijgt het zwaar te verduren met de stenen. Ze hebben het lang uitgehouden, maar uiteindelijk is Vince er dan toch in geslaagd om zijn feederchain kapot te trekken, niet zo heel verwonderlijk als er stenen ter grootte van een kruiwagenwiel mee naar binnen komen. Dat je zulke grote stenen mee naar binnen trekt is iets dat doorgaans niet veel voorkomt. Op de combines staan maaiborden die kunnen uitschuiven speciaal voor de oogst van koolzaad. De meeste grote stenen blijven helemaal voorop liggen net achter de messen en geraken nooit tot aan de vijzel. Thank God for vario-headers!

Mijn job tijdens de oogst was onderverdeeld in 2 grote delen. ’s Morgens begon ik op de graincart totdat de eerste vrachtwagen geladen was. Daarna nam Ian de graincart van mij over en kon ik met de vrachtwagen terug naar de boerderij om te gaan lossen. Origineel was het plan om rechtstreeks bij de graanhandelaar te gaan lossen, maar die annuleerde de treinen omdat de oogst te traag op gang kwam en hij niet voldoende volume zou hebben om de wagons te vullen vooraleer ze die terug kwamen halen. De treinen staan hier op een heel strikt schema omdat er maar een enkele hoofdlijn is en die moet gedeeld worden over alle verschillende graanterminals en de olie-industrie die het spoor gebruikt om frac-sand aan- en ruwe olie af te voeren. Zodoende moesten we alles zelf opslaan in de ‘bin’ (silo) op de boerderij. Met behulp van een 30 meter lange vijzel, een zogenaamde swing-auger, kunnen we de vrachtwagens zelf lossen op de boerderij. Lossen met vijzels vraagt om een beetje feeling. Het steekt redelijk nauw hoe snel je lost, zeker in koolzaad. Als je te traag lost worden veel korrels gebroken door de vijzel omdat die dan teveel speling heeft. Los je te snel dan riskeer je dat de boel verstopt en dan ben je pas echt jarig.

Elke dag hadden we een 4-tal vrachtwagens vol, samen goed voor een dikke 160 ton. Hier in Noord-Amerika met de vrachtwagen rijden blijft toch iets bijzonder, and damn, I really love it! Beide vrachtwagens zijn uitgerust met manuele 18-speed Eaton Fuller versnellingsbakken omwille van het hoge treingewicht. Een 18-speed was voor mij ook even wennen, ik was gewoon om met een 10-speed te rijden maar 18 is toch wel even het kopke erbij houden maar ik zou niet anders meer willen. ‘An 18-speed seperates the men from the boys’ zeggen ze hier wel eens maar eenmaal je begrijpt hoe het werkt is het kinderspel!

Uiteindelijk hebben we op een dikke 10 dagen de oogst kunnen afronden. Het had sneller gekund als we ’s avonds langer hadden doorgereden maar omwille stenen hebben we besloten om te stoppen zodra het donker wordt rond 22 uur.  ‘S Morgens is het altijd even wachten vooraleer de dauw van de planten is, maar die tijd gebruiken voor het dagelijks onderhoud (tanken, smeren, luchtfilters,…).

Nu alles geoogst is kunnen we beginnen zaaien. Veel bodembewerking komt er hier niet aan te pas. Het merendeel wordt rechtstreeks in de stoppel van vorig seizoen gezaaid. Over enkele nieuwe  percelen zijn we eerst met de schijveneg gegaan om het graangewas van vorig jaar te verkleinen en onder te werken. Het graan was heel slecht onder de sneeuw uitgekomen waardoor de landbouwer die die percelen tot vorig jaar had het niet de moeite waard achtte om ze te oogsten. Maar dat waren maar 2 of 3 percelen. Wat hier wel veel gedaan wordt is een bewerking met de stoppeleg. Harrowing zoals ze dat hier noemen wordt vooral gedaan om het stro gelijkmatig te verspreiden en gebeurt om die reden onder een hoek van 45 graden tegenover de sporen van de maaidorsers, dat geeft het beste resultaat. We hebben dit gedaan op zo goed als alle percelen. Dat was vooral Ian’s job. De eg achter zijn tractor is uitgerust om kunstmest te spreiden zodat we het koolzaad vooraf konden bemesten met zwavel. Dit sporenelement is belangrijk in de teelt van koolzaad maar wordt hier omwille van brandveiligheid niet mee gemengd in de kunstmest en moet dus apart worden gegeven. Terwijl Ian al het koolzaad bewerkte hield ik mij bezig met de 2de eg op de percelen waar tarwe en gerst ging komen. Dit werk duurt niet heel lang, 20 meter breed aan 14km/h maakt dat je veel gedaan krijgt op  korte tijd.

Terwijl ik het laatste perceel nog aan het bewerken was kon Vince dan beginnen zaaien. We zijn begonnen met 150 hectare Hard Red Wheat (zomertarwe) en 50 hectare Canadian Prairie Strong, kortweg CPS. CPS is een soort zomertarwe die hier vaak de voorkeur geniet ten opzichte van HRW omwille van stabielere opbrengsten en een betere weerstand tegen ziektes. Daarnaast zijn er bij het verhandelen van CPS ook minder discussies over kwaliteit. CPS zal in 95% van de gevallen grade 1 (eerste keus) zijn, terwijl dat bij HRW de kwaliteit vaak ter discussie staat. De oogst van de CPS gaan we echter niet verkopen dit jaar maar zal voor een groot deel dienst doen als zaaigoed in 2021. Als volgende was de gerst aan de beurt. We telen dit jaar enkel voedergerst op een areaal van 650 hectare. Al de gerst wordt via de graanhandelaar regionaal afgenomen door veeboeren en feedlots. Als alle gerst in de grond zat konden we dan beginnen aan het koolzaad. Dit is de voornaamste teelt op het bedrijf en een oppervlakte van 1200 hectare, verdeeld over 2 bedrijven. 800 hectare hier in Grande Prairie en nog eens 400 hectare bij het bedrijf van de ouders van Vince in Eaglesham. Bij de teelt van koolzaad is het al GMO wat de klok slaat. Het gaat dan in hoofdzaak om het zogenaamde ‘round-up ready’ van Bayer/Monsanto en het ‘Liberty-ready’ van BASF. Het gebruik van Glyfosaat staat hier, in tegenstelling tot in België absoluut nog niet ter discussie en wordt hier eerder uitgebreid dan ingeperkt.

Eenmaal de omstandigheden hier goed zijn om te zaaien wordt er  20 uur per dag gereden om alles zo snel mogelijk in de grond te hebben. Er is hier in het voorjaar een periode van enkele weken waarin alles gezaaid moet geraken. Als je die periode mist kom je in de problemen met de voorjaarsbuien en wordt het moeilijk om nog op tijd te kunnen zaaien. Vuistregel is hier dan ook dat je voldoende mechanisatie moet hebben om je volledig areaal op maximum 3 weken te kunnen zaaien. Om die reden hebben wij een Seed Hawk (onderdeel van Väderstad) van 24 meter breed. Zelfs voor hier in de regio is dat aan de grote kant. De meeste landbouwers hier zaaien 18 meter per keer. Rond Eaglesham is 24 meter dan weer meer de regel. De percelen zijn daar groter en hebben minder bomen en beken in de velden dan dat hier in Grande Prairie het geval is.

Stilstand is uiteraard uit den boze tijdens het zaaien en proberen we tot een minimum te beperken. De belangrijkste factor hierbij is het vullen van de aircart, de voorraadtanks achter de zaaimachine. In totaal kan 18 ton product worden geladen verdeeld over 3 compartimenten. Bij de granen wordt dat verdeeld in 11 ton kunstmest en 7 ton zaaigraan. Bij koolzaad wordt er 18 ton kunstmest onder de 2 grote compartimenten en zaaigoed in de laatste. Op grote percelen duurt het gemiddeld 3 uur vooraleer er terug moet gevuld worden. Vroeger deed Vince dit met de vrachtwagen en een vijzel op de aircart en duurde dit proces bijna een uur. Om dat te versnellen bouwden we in de winter de speciale overlaadwagen en dat was een groot succes! In de granen hebben we het vullen kunnen inkorten tot 14 minuten en in het koolzaad zelfs tot 10 minuten. Dat is iets waar we enorm blij en trots om zijn.

Mijn voornaamste taak tijdens het zaaien was de bevoorrading van de zaaimachine. Kunstmest en zaaigraan laden en dan wachten op telefoon uit het veld. Tussendoor zijn het allemaal kleine werkjes die ik deed. Leveranciers lossen, mazout naar het veld brengen, onderhoud aan de spuitmachine, noem maar op, bezigheid genoeg. Gedurende de ganse dag houd je je telefoon  constant in de gaten. Als de zaaidiepte moet worden bijgesteld bellen ze om te komen helpen. Er zijn 80 zaaielementen en centrale diepteregeling bestaat hier niet of amper. Alles handmatig verstellen duurt als snel drie kwartier als je het alleen moet doen. Als ze dan bellen is het alles laten vallen waar je mee bezig bent en maken dat je in het veld staat. Eenmaal we aan het koolzaad begonnen sprong ik tussendoor vooral op de vrachtwagen om kunstmest te gaan bijhalen op de terminal in Rycroft, 75 kilometer verderop. Daar wordt de kunstmest op het moment zelf gemengd naar specificaties van de klant. Op een van de laatste dagen heb ik onder toezicht van Vince zelf ook een stukje mogen zaaien. Best spannend, maar gelukkig nemen boordcomputers en de gps het meeste werk voor hun rekening want het blijft toch opletten. En hoewel de schaal waarop je werkt heel snel went blijft het indrukwekkend als je met 500pk en 24 meter breed over de prairies rijdt.

Op 4 juni hebben we dan uiteindelijk het laatste koolzaad gezaaid in Eaglesham. Daar hebben we op 30 uur 400 hectare gezaaid, een absoluut record! De percelen in Eaglesham zijn veel groter dan die in Grande Prairie en hebben amper obstakels wat maakt dat er veel efficiënter gewerkt kan worden. Op het laatste perceel is Edmont, de vader van Vince ons ook komen helpen met zijn zaaimachine. Edmont trekt zijn 18 meter brede Seed Hawk met een John Deere 8850, een echte oldtimer die nog jaarlijks vrolijk zijn rondjes doet tijdens het zaaien. Dat is ook het enige werk waar de 8850 voor gebruikt wordt, hij blijft jaarrond aan de zaaimachine hangen. Het is een bijzonder die verschillende generaties aan machines naast elkaar aan het werk te zien, Vince met een zo goed als nieuwe Challenger 1050 en Edmont zijn oude John Deere 8850. Het was een mooi einde aan een campagne van 6 weken oogsten en zaaien. Nu kan alles groeien en kunnen we aan de gewasbescherming beginnen. En aan de opkuis van de machines….

 

Tot volgende keer!

Sim

 

 

Close
%d bloggers liken dit: