Met het graan dat het veld af gaat komt er ruimte voor stalmest. Landbouwers die stalmest tijdelijk op het veld opslaan, moeten onder MAP7 rekening houden met strikte voorwaarden. De Mestbank controleert steeds vaker, onder meer met luchtfoto’s en satellietbeelden. Wie de regels niet naleeft, riskeert een boete.
Tijdelijke opslag op landbouwgrond is enkel toegestaan voor vaste meststoffen van type 1, zoals stalmest, champost en bepaalde compostsoorten. De opgeslagen mest moet bovendien bestemd zijn voor gebruik op het perceel zelf of op aangrenzende percelen.
Ook de locatie van de mesthoop is belangrijk. Er moet minstens 10 meter afstand worden gehouden tot waterlopen en perceelsgrenzen, en minstens 100 meter tot woningen van derden. Daarnaast mag er geen risico zijn op afvloeiing van mestsappen naar oppervlaktewater.
Tussen 16 januari en 30 oktober mag stalmest maximaal twee maanden op het veld liggen zonder afdekking. Tijdens de winterperiode, van 1 november tot 15 januari, geldt in de meeste gevallen een verplichte afdekking met een geschikt mestvlies.
Door de strengere controles is het belangrijk om de regels goed na te leven en de opslagduur en locatie zorgvuldig te plannen. Zo voorkomt u niet alleen boetes, maar draagt u ook bij aan een betere waterkwaliteit.
Voor meer informatie over de regels rond tijdelijke mestopslag en MAP7 kunt u terecht op de website van Ondernemershulp/landbouwadviseur Riccy Focke.
